Een werkgever mag volgens het Hof van Justitie een neutraliteitsbeleid voeren dat alle zichtbare religieuze, politieke en levensbeschouwelijke symbolen verbiedt, zoals een hoofddoek, een keppel of een kruisje. Dan moet er wel een echte noodzaak voor zijn, bijvoorbeeld de wensen van klanten of het voorkomen van conflicten, en het beleid moet voor iedereen consequent gelden. Een verbod dat alleen grote of opvallende symbolen treft, kan discriminatie zijn.
- Werknemer: een verbod dat in de praktijk één geloof treft, is niet toegestaan.
- Werkgever: leg vast waarom neutraliteit voor uw bedrijf noodzakelijk is en pas de regel op iedereen toe. Kijk ook of een andere functie zonder klantcontact mogelijk is.
Bron: HvJ EU C-804/18 en C-341/19 (WABE en MH Müller), ECLI:EU:C:2021:594
Deze berichten geven algemene informatie in begrijpelijke taal en zijn geen juridisch advies. Iedere situatie is anders: neem bij twijfel contact met ons op.